Ecologisch bermbeheer

We beheren bermen langs provinciale wegen ecologisch. Door op een speciale manier te maaien en het maaisel af te voeren. Zo komen weer steeds meer verschillende soorten planten en dieren in onze bermen voor.
Ecologisch bermbeheer

Wat is ecologisch bermbeheer?

Over ecologisch bermbeheer ontstaat nog altijd nieuwe kennis met nieuwe inzichten. Van 1996 tot ongeveer 2017 keken we vooral naar de biodiversiteit op basis van planten.  De laatste jaren bekijken we ook hoe we dit kunnen combineren met het belang van insecten. Dit betekent dat we bermen niet wekelijks maaien, maar kruiden de kans geven om te bloeien. Zodat insecten en kleine dieren in de berm kunnen overleven. Jaarlijks laten we een kwart van onze bermen inspecteren door een ecoloog. Op basis van zijn bevindingen geeft hij ons een beheeradvies waarmee we de natuurwaarde verhogen.

 

Aandachtspunten

Nu we ruim 12 jaar waken over het bermbeheer levert dat een mooi resultaat op. Het afvoeren van maaisel zorgt voor een voedselarme bodem. Zo is de bijenorchis weer te bewonderen in droge bermen langs wegen in het rivierengebied. Deze zeldzame, bedreigde soort is teruggekeerd door minder vaak én op specifieke momenten te maaien. 

Andere karakteristieke plantensoorten van schrale gronden, zoals het zandblauwtje, de vroegeling en de muizenoor reageren ook goed op dit bermbeheer. Er groeien nu 2 wettelijk beschermde planten en ongeveer 100 bedreigde soorten in onze bermen. Dit zijn soorten die op de rode lijst staan.

Maar het kan altijd beter. Door het maaien over te laten aan bedrijven die kennis hebben van ecologisch natuurbeheer.  Zo werken we direct mee aan de kleurkeur van de vlinderstichting. In 2021 werken al 4 van onze aannemers deels volgens deze kleurkeur. In 2022 gaan we alle geschikte bermen volgens de kleurkeur beheren. Zo kan het zijn dat een berm tijdens een droge zomer niet wordt gemaaid. Maar later in het jaar, wanneer het niet meer in bloei staat.

Sinusmaaien is een nieuwe vorm van gefaseerd maaien. Langs wegen waar bermen breed genoeg zijn, gebruiken we deze aangepaste vorm van maaien. 
Sinusmaaien werkt als volgt:

  • We maaien in de vorm van parkeerhavens, van ongeveer 100 meter lang.
  • Daarna slaan we 50 meter over.
  • Er wordt dus in slingerende lijnen gemaaid. Dit zorgt ervoor dat sommige delen vaker aan de beurt zijn dan andere.

Door sinusmaaien blijft ongeveer 1/3 deel van de begroeiing altijd staan. Zo ontstaat een betere leefomgeving voor vlinders en bijen. Het heeft geen zin om de hele berm níet te maaien. Júíst de variatie is belangrijk; de combinatie tussen wél en niet maaien is ideaal voor bijen en vlinders. 
Is een berm ongeschikt voor sinusmaaien, maar is deze minimaal 1,5 meter breed? Dan laten we 15 tot 30% van de begroeiing staan. Sinds 2021 doen we dit in heel Gelderland. 

We houden rekening met de hoogte van het gras in verband met de verkeersveiligheid. Zodat het uitzicht aan de bebakeningsstrook (1,5 meter langs de rijbaan) en de uitzichthoeken van kruisingen goed blijft. Deze bebakeningsstrook is voor vliegende insecten ook gevaarlijk, want het verkeer komt dichtbij. 

Soorten als de Japanse duizendknoop, reuzenberenklauw en reuzen springbalsemien willen we liefst niet in onze bermen. Deze plantsoorten verdringen inheemse planten en ze zijn lastig uit te roeien. Daarom werken we mee aan het onderzoek naar een goede, gifvrije bestrijding. En we zorgen ervoor dat deze soorten niet toenemen. Door te maaien voorkomen we verdere verspreiding. Samen met provincies Overijssel, Flevoland en Utrecht is een leidraad gemaakt voor ecologisch beheer van de reuzenberenklauw.

Meer informatie

Leernetwerk ecologisch bermbeheer

Dankzij 12 jaar onderzoek en monitoring is veel kennis en ervaring opgedaan. Dit delen we graag met Gelderse gemeenten en waterschappen. Daarom is aan Stichting Landschapsbeheer Gelderland gevraagd het ‘leernetwerk ecologisch bermbeheer’ op te zetten. In 2019 is dit leernetwerk succesvol gestart.