Bijzondere plantensoorten aangetroffen langs provinciale wegen

14-3-2019 Bloemen

Minder vaak en op specifieke momenten maaien van bermen langs provinciale wegen werpt zijn vruchten af. Dat blijkt uit onderzoek dat in 2018 is uitgevoerd naar plantensoorten in de bermen langs provinciale wegen. Een aantal zeldzame planten, zoals bijenorchis, rapunzelklokje en kruipberm zijn bij dat onderzoek aangetroffen. Deze staan op de Rode Lijst van bedreigde planten.

Provincie Gelderland heeft ongeveer 1.150 kilometer aan wegen in beheer. Jaarlijks laten we de bermen en bermsloten langs zo’n 300 kilometer van de provinciale wegen monitoren. Zo krijgen we in beeld welke plantensoorten waar voorkomen. Daarmee evalueren we het bermbeheer en passen we het zo nodig aan. Dit doen we sinds 2006.

Waardevolle bermen

In 2018 voerden medewerkers van het adviesbureau Ecogroen het onderzoek uit. Zij troffen een paar bijzondere plantensoorten aan. Een bijzondere vondst was de bijenorchis langs de N831. Langs de N324 in Alverna komen de meeste soorten van de Rode Lijst van bedreigde plantensoorten voor, waaronder de knolspirea. Waarschijnlijk zijn deze planten via verspreiding van zaad uit aangrenzende tuinen in de berm terechtgekomen. Opvallend is de aanwezigheid van in totaal 23 bijzondere soorten langs de N344 tussen de Veluwe en Apeldoorn, zoals brede wespenorchis, grasklokje, fraai hertshooi, hondsviooltje en kruipbrem. De weg ligt in het bos, met soms een vrij brede berm tussen het fietspad en de weg. 

Minder maaien voor de bijenorchis

Twaalf jaar monitoren en aanpassen van het bermbeheer werpt zijn vruchten af. Het afvoeren van maaisel zorgt voor een voedselarme bodem. Zo laat de bijenorchis zich de laatste jaren weer in droge bermen langs wegen in het rivierengebied zien. Door minder vaak en op specifieke momenten te maaien is deze zeldzame en bedreigde soort teruggekeerd. Ook andere karakteristieke plantensoorten van schrale gronden, zoals zandblauwtje, vroegeling, en muizenoor profiteren van deze wijze van bermbeheer. 

Verkeersslachtoffers

Er zijn in 2018 relatief veel uilen aangereden, onder andere langs de N309, N339 en N322. Deze vogels vinden hun voedsel in bermen met prooidieren, zoals muizen. Door het korthouden van de begroeiing op de eerste 1,5 meter langs de weg, zullen prooidieren zich hier minder snel in begeven. Uilen gaan dan op een grotere afstand van de weg jagen, met minder verkeersslachtoffers als resultaat. Hoewel het kort maaien vlak langs de weg voor planten nadelig lijkt, heeft het dus voordelen voor bepaalde diersoorten. Daarom brengen we variatie aan in het bermbeheer.

Positieve boost voor insecten

Ook willen we de biodiversiteit in de bermen verhogen. Daarvoor zijn we op 3 wegen een proef gestart met een andere manier van maaien: sinusmaaien. Hierbij laten we elke maaironde 1/3 staan en maaien we 2/3 deel. Elke keer dat we maaien, laten we een ander deel staan. Zo krijgen we een gevarieerde bloemrijke berm waarin altijd schuilgelegenheid en voedsel is voor insecten en kleine zoogdieren. Zo stimuleren we op een makkelijke manier de biodiversiteit, wat goed is voor onder andere vlinders, bijen en vogels. Bovendien krijgen sommige planten meer tijd om zich uit te zaaien. In Noord-Holland zijn de eerste positieve effecten van deze vorm van maaien al zichtbaar. Wij laten ook onderzoek doen naar het effect op onze bermen. Als dat positief uitpakt, gaan we sinusmaaien in meer bermen toepassen.

Leernetwerk ecologisch bermbeheer

De kennis en ervaring die we hebben opgedaan met 12 jaar onderzoek en monitoring willen we delen met Gelderse gemeenten en waterschappen. Daarom hebben we Stichting Landschapsbeheer Gelderland gevraagd een leernetwerk ecologisch bermbeheer op te zetten. De aftrap was op 20 februari 2019 met een bestuurlijke startbijeenkomst. En binnenkort lanceert Stichting Landschapsbeheer Gelderland een digitaal kennisplatform. Kijk voor meer informatie op de pagina over het Leernetwerk Ecologisch Bermbeheer

Terug naar nieuwsoverzicht