Ontwerpbesluit vergunningaanvraag Kaliwaal gepubliceerd

Het bedrijf K3Delta heeft een verzoek gedaan om - bagger met hogere gehalten PFAS te mogen storten bij onderwater stortplaats De Kaliwaal bij Druten dan is toegestaan volgens de huidige vergunningen. Deze verzoeken zijn behandeld door Rijkswaterstaat en de ODRN namens de provincie Gelderland.
Gepubliceerd op: 3-oktober-2022

Binnenkort wordt het ontwerpbesluit gepubliceerd met het voornemen om een omgevingsvergunning te verlenen. Hierop is inspraak mogelijk waarna definitieve vaststelling volgt. Rijkswaterstaat legt een norm vast in een brief met invulling van de zorgplicht voor PFAS naar het oppervlaktewater.

Over de verzoeken

K3Delta heeft sinds  2007 een omgevingsvergunning Milieu om bagger te mogen storten. In deze vergunning staat geen norm voor PFAS, omdat voor deze stof pas in 2019 een landelijke tijdelijke norm is vastgesteld. Deze tijdelijke norm is gebaseerd op een zorgplicht uit het landelijk “Handelingskader PFAS”. Hierdoor heeft K3Delta toestemming om bagger te storten met gehalten tot die landelijke norm. Het bedrijf vraagt al langere tijd om bagger met hogere gehalten te mogen storten. Daarvoor zijn twee toestemmingen nodig: één volgens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en één volgens de Waterwet. Voor de eerste vergunning is de provincie Gelderland verantwoordelijk. De ODRN is namens de provincie gemachtigd om de aanvraag te behandelen. Voor de andere vergunning is Rijkswaterstaat namens het Ministerie van Infrastructuur & Waterstaat verantwoordelijk.

Over de procedure

K3Delta heeft oorspronkelijk een aanvraag gedaan om 70 microgram PFOA (perfluoroctaanzuur) en 25 microgram per kilo overige Pfas te mogen storten met het verzoek dit vast te leggen in een norm in de vergunning. In opdracht van K3Delta heeft ingenieursadviesbureau Sweco onderzoek gedaan, met als conclusie dat het storten van bagger met deze norm gehalten geen grotere nadelige gevolgen voor het milieu heeft dan K3Delta al volgens de huidige vergunning mag veroorzaken. 

De ODRN heeft namens de provincie aan ingenieursadviesbureau Arcadis opdracht gegeven om onafhankelijk te onderzoeken of het storten van de verontreinigde bagger tot de aangevraagde normen kan zorgen voor risico’s voor mensen en het milieu. Hierbij is Arcadis uitgegaan van de strengste waarden: de normen voor een drinkwaterbeschermingsgebied. De Kaliwaal ligt niet in zo’n gebied, maar toch zijn deze strengste normen gebruikt om na te gaan of er ook op de lange termijn geen risico’s bestaan. Volgens het model van Arcadis moet de aangevraagde norm van 70 naar een norm van 7 microgram PFOA per kilo worden bijgesteld. Op basis van de onderzoeken in opdracht van de provincie zijn de aangevraagde normen dus naar beneden bijgesteld. Bij deze strengere normen is er geen risico voor mens of milieu via het grondwater.

Ook Rijkswaterstaat heeft onderzoek gedaan naar de aangevraagde PFAS-norm. Op basis van de Waterwet is beoordeeld welke maximale gehalten verantwoord zijn voor de bescherming van de kwaliteit van het oppervlaktewater. Dat is dus een ander toetsingskader dan dat wat de ODRN voor de beoordeling van de Wabo-aanvraag heeft gebruikt. De norm is bij het onderzoek van Rijkswaterstaat verder naar beneden bijgesteld. 

Het resultaat is twee sets met normen, voor de verschillende stoffen die deel uit maken van de verzameling PFAS. Een set is gebaseerd op de Waterwet door invulling van de zorgplicht, een op basis van de Wabo. Door het verschil in toetsingskaders kan dit niet anders. In de praktijk is K3/ Kaliwaal bij het storten van bagger met PFAS gehouden aan de laagste norm. De ene keer is de Waterwet de beperkende factor, de andere keer is dat de Wabo.

 

De normen zijn;

 
  1. 1. Rijkswaterstaat o.b.v. Waterwet/ zorgplicht
  1. 2. Provincie o.b.v. Wabo
  1. 3. Laagste van de twee
Pfos6,725,06,7Pfoa2227,07,0Overige Pfas6,725,06,7

Ongewenste ontwikkeling

Dat de provincie Gelderland van plan is om de gevraagde vergunning te verlenen, betekent niet dat ze dit een gewenste ontwikkeling vindt. Een vergunning afgeven met een ruimere norm voor PFAS sluit namelijk niet aan bij het provinciale beleid. Provinciale Staten heeft in haar besluit van 15 september 2020 een voorkeursvolgorde vastgesteld voor het opruimen van overtollige bagger. Voorkomen van berging, innovatie, reiniging en hergebruik staan daarbij voorop. De provincie moet zich echter houden aan landelijke wetten en regels en ziet zich voor een dilemma geplaatst. De provincie gaat dit dilemma aankaarten bij minister Harbers van Infrastructuur & Waterstaat.

Vervolg van de vergunningprocedure

Op dit voorgenomen besluit kan gereageerd worden door een zienswijze in te dienen. De Provincie moet bij het nemen van het definitieve besluit rekening houden met die zienswijzen. Hierop neemt de Provincie vervolgens een definitief besluit. Tegen dat besluit kan bezwaar worden gemaakt. De ingangsdatum van het besluit kunt u vinden op de dossierpagina over De Kaliwaal op de website van Omgevingsdienst Regio Nijmegen en www.officielebekendmakingen.nl .

Rijkswaterstaat heeft de normen vastgelegd is een brief waarin de zorgplichten van het bedrijf worden uitgelegd. Dit is een informatieve brief waartegen geen zienswijzen of bezwaren kunnen worden ingebracht. K3/Kaliwaal moet zich houden aan de normen in die brief.

 

Op de https://www.odregionijmegen.nl/dossiers/kaliwaal/ kunt u het ontwerpbesluit en de brief van Rijkswaterstaat bekijken. Ook vindt u hier meer achtergrondinformatie.

 

Persvragen

Bent u op zoek naar informatie voor pers of heeft u vragen?