Programma Aanpak Stikstof

meertje in het bos

De Raad van State oordeelde op 29 mei 2019 dat het Programma Aanpak Stikstof in strijd is met de Europese Habitatrichtlijn en daarom niet mag. Deze uitspraak heeft verstrekkende gevolgen voor allerlei economische activiteiten, zoals woningbouw, veehouderijen, wegenbouw en industrie. Wat is er precies aan de hand?

Europese regels voor bescherming waardevolle natuur

Alle leden van de Europese Unie zijn verplicht om waardevolle natuurgebieden te beschermen. De zogenoemde Natura 2000-gebieden. Te veel stikstofuitstoot in de buurt van deze gebieden vormt een bedreiging voor de kwaliteit van de natuur. Iedereen die in de buurt van een beschermd natuurgebied een activiteit onderneemt waarbij stikstof vrijkomt, moet aantonen dat de uitstoot geen negatieve effecten heeft op deze natuur voor hij een vergunning kan krijgen.

Vergunningverlening weer mogelijk

De 12 provincies hebben de voorwaarden vastgesteld voor het weer verlenen van vergunningen op basis van de Wet natuurbescherming voor het onderdeel stikstof. Dat betekent dat we vanaf 11 oktober 2019 vergunningaanvragen weer in behandeling nemen voor activiteiten waarbij stikstof vrijkomt.

Toestemming voor activiteiten waarbij stikstof vrijkomt is mogelijk, zolang die activiteiten niet leiden tot een toename van neerslag van stikstof in natuurgebieden. Volgens de nieuwe regels moet in de aanvraag vooraf worden aangetoond dat stikstofneerslag niet toeneemt.

De nieuwe beleidsregels voor het verlenen van vergunningen zorgen voor afnemende stikstofneerslag. Dat komt omdat aan de vergunningen voorwaarden zijn verbonden. Samengevat betekent dat:

  • Vergunningaanvragers die aan kunnen tonen dat ze geen significante effecten hebben op Natura 2000-gebieden kunnen een vergunning krijgen. Zij kunnen dit door de uitstoot te beperken met schonere technieken of door intern of extern salderen.
  • Bij intern salderen heb je al een vergunning. Daarbinnen mag je een bepaalde hoeveelheid stikstof uitstoten. Als je dan iets nieuws wil ondernemen, of je bestaande activiteiten wil veranderen, moet je zorgen dat de neerslag niet toeneemt of zelfs afneemt.
  • Bij extern salderen maak je gebruik van de vergunning van een ander bedrijf dat wordt beëindigd. Die vergunning mag je niet volledig gebruiken, dus zorgt dit tot een afname van de stikstofuitstoot en -neerslag.
  • Die projecten die wel effect kunnen hebben op de natuur zijn alleen mogelijk als ze van groot maatschappelijk belang zijn en er geen alternatieven zijn. Dan kunnen ze gebruik maken van de ADC-toets en de effecten compenseren.

Omdat vergunningverlening sinds de uitspraak van de Raad van State heeft stil gelegen, verwachten we een piek in de werkzaamheden. Ondernemers moeten aan de hand van deze beleidskaders, eventueel met behulp van hun adviseur, bepalen wat in hun situatie het beste is. De aanvraag mag in elk geval niet leiden tot een toename van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden. De rekentool Aerius kan u helpen bij de onderbouwing en u kunt ook altijd uw adviseur vragen om uw plan te beoordelen. We doen er alles aan om iedereen zo goed mogelijk te helpen maar vragen begrip als het langer duurt dan u van ons gewend bent.

Op de website van BIJ12 komt meer informatie beschikbaar over de beleidsregels. Ook is er een helpdesk.

Bronmaatregelen en gebiedsgerichte aanpak

Om te kunnen voldoen aan de natuurdoelen en om meer ruimte te maken voor nieuwe activiteiten met (beperkte) uitstoot zijn de provincies in overleg met het Rijk over het nemen van bronmaatregelen. Dat wil zeggen: maatregelen die zorgen dat de uitstoot van stikstof in Nederland omlaag gaat. Het kabinet heeft daarnaast de provincies een regierol gegeven om per gebied te kijken naar hoe we de stikstofproblematiek kunnen aanpakken. Over hoe deze gebiedsgerichte aanpak van stikstof straks precies in zijn werk gaat, zijn de provincies in overleg met het Kabinet. 

Wat is stikstof?

Stikstof is een scheikundig element. Het komt vooral in gasvorm voor in de lucht en is onzichtbaar en geurloos. Het is een belangrijke bouwstof voor alle levende wezens. Extra uitstoot van stikstof komt vrij door verkeer en in de industrie als bijproduct van verbrandingsprocessen. Ammoniak is ook een soort stikstof. Deze komt vooral vrij in de landbouw bij verdamping uit dierlijke mest en kunstmest.

Waarom is te veel stikstof een probleem?

Te veel aan stikstof heeft grote gevolgen voor natuur. Hoewel stikstof voedingsstof is voor natuur zorgt te veel stikstof voor problemen. Sommige planten groeien te hard, waardoor natuurgebieden dicht groeien en beschermde planten én dieren verdwijnen (bedreiging biodiversiteit).

Wat was het doel van het Programma Aanpak Stikstof?

In het Programma Aanpak Stikstof (PAS) uit 2015 werkten Rijk en provincies samen aan zowel ruimte voor economische ontwikkelingen, als aan sterkere natuur en minder neerslag van stikstof.

Het PAS gold voor 118 Natura 2000-gebieden met stikstofgevoelige natuur in Nederland (de PAS-gebieden). Het PAS-programma had als doel om de natuur te versterken en tegelijkertijd economische groei mogelijk te maken. Dat gebeurde door te zorgen dat de uitstoot van stikstof omlaag gaat. Hiervoor zijn, naast daling door het bestaande beleid, extra landelijk afspraken gemaakt met boeren, de bronmaatregelen. Voorbeelden zijn ander voer, beter mestgebruik en stallen die minder uitstoten. Ook zorgen herstelmaatregelen in natuurgebieden voor het sterker maken van de natuur voor te veel stikstof. Dat doen we door beheermaatregelen zoals het verwijderen van boompjes en struiken van heidegebieden, verhogen van het waterpeil in natuurgebieden en het omvormen van (landbouw)gronden naar natuur. Door zowel het verminderen van uitstoot van stikstof en het aanpakken van de gevolgen in de natuur, ontstond er weer extra ruimte voor nieuwe economische activiteiten die stikstof uitstoten. 

Waarom mag het PAS niet volgens Raad van State?

Op basis van het PAS gaan we uit van toekomstige positieve gevolgen van maatregelen voor beschermde natuurgebieden. Daarom geven we alvast toestemming voor activiteiten die mogelijk schadelijk zijn voor die gebieden. Zo’n toestemming vooraf mag niet als die positieve gevolgen niet zeker zijn, stelt de Raad van State.

Volgens de Raad van State geldt dat ook voor koeien in de wei. Het is niet zeker dat de koeienmest geen gevolgen heeft voor de natuur. Daarom moeten boeren een vergunning aanvragen voor koeien in de wei. Tot nu toe hoefden boeren dat niet.

Meer informatie

Website BIJ12:
Actualiteit
Veelgestelde vragen 

Website Raad van State:
Uitspraak