A50 Ewijk -Bankhoef-Paalgraven

A50

Het wordt steeds drukker op de A50 tussen Arnhem en Eindhoven, met name op de knooppunten Bankhoef en Paalgraven. Analyses laten zien dat de verkeersdruk op het tracé de komende jaren nog verder stijgt. Van rijkswege zijn er vooralsnog geen plannen om dit deel van de A50 structureel aan te pakken. De provincies Gelderland en Noord-Brabant, verschillende gemeenten en andere betrokkenen pleiten voor een snelle aanpak en werken samen toe naar een voorstel.

Het belang van de A50

De A50 tussen de knooppunten Ewijk en Paalgraven is belangrijk. Voor de regio, maar ook in (inter)nationaal opzicht. Het tracé koppelt meerdere achterlandverbindingen en economische centra in de provincies Gelderland en Noord-Brabant. Het is een cruciale corridor voor (vracht)verkeer op de hele oostflank van Nederland en naar het zuiden (A73) en het westen (A15). Het tracé doorkruist bovendien 3 topsectoren die belangrijk zijn voor de Nederlandse economie en de internationale verbindingen: Food, Health en Hightech.

Verkeersdruk neemt toe

De verkeersdruk op het traject is hoog, met name rond de knooppunten Bankhoef en Paalgraven. Het A50-tracé staat inmiddels in de file top-10 van Nederland. Dit deel van de A50 is het drukste 2x2-tracé van het land met ook veel vrachtverkeer. Het grote aandeel (vracht)verkeer op de A50 zal de komende jaren verder stijgen, zo blijkt uit recente analyses. Dit is het gevolg van logistieke ontwikkelingen. Maar ook de snelle en zekere bevolkingsgroei in deze regio speelt daarbij een rol.

De gevolgen

De toenemende verkeersdruk op de A50 tussen de knooppunten Bankhoef en Paalgraven heeft grote gevolgen voor de doorstroming, bereikbaarheid, veiligheid en leefbaarheid in de regio en in Oost-Nederland. Op korte termijn neemt de provincie Gelderland een aantal kleinere verkeersmaatregelen op de A50 en A326. Deze zijn vooral gericht op doorstroming, (file-)informatie en veiligheid. Maar de problemen op het tracé moeten structureel worden opgelost. Het Rijk onderkent het probleem, maar komt vooralsnog niet met een oplossing.

Provincies nemen initiatief

De provincie Gelderland neemt, samen met de provincie Noord-Brabant, het initiatief om toe te werken naar de start van een MIRT-onderzoek om de infrastructurele problemen op de A50 aan te pakken. Dat is eind 2017 ook met de minister afgesproken. Samen met gemeenten, transporteurs en andere betrokkenen maken de provincies zich sterk voor een slimme en duurzame oplossing voor het tracé. Daarbij kijken ze verder dan infrastructuur alleen. Ook aspecten als gedragsbeïnvloeding, nieuwe in car-technologieën en energietransitie zouden deel moeten uitmaken van de aanpak.

Stand van zaken

Op 28 juni 2018 hebben de stakeholders gesproken over de verkeersproblematiek op de A50 Ewijk – Paalgraven en de gevolgen hiervan. Inmiddels hebben naast de provincies Gelderland en Brabant ook Rijkswaterstaat, de gemeenten Nijmegen, Druten, Oss, Beuningen en Wijchen, VNO-VCW Midden, VNO-NCW Brabant Zeeland, Evofenedex, TLN en meerdere bedrijven zich aan de start van een MIRT-onderzoek gecommitteerd. De provincies werken nu aan een vervolgaanpak richting het BO MIRT, in november 2018. In dit Bestuursoverleg van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en provincies wordt besproken welke urgente infrastructurele knelpunten eventueel meegenomen worden in het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT).

Documenten