Herstelprogramma’s

We werken momenteel aan zogenoemde herstelprogramma’s om de natuur op de Veluwe te verbeteren. Dit is een gedetailleerde uitwerking van het N2000-beheerplan Veluwe. Naar verwachting stelt Gedeputeerde Staten deze herstelprogramma’s in het voorjaar van 2022 vast.

Heide en Stuifzanden

In dit programma staat het verbeteren van de kwaliteit van droge en natte heiden, zandverstuivingen en heischrale graslanden centraal. En ook de leefgebieden van onder andere de tapuit, de nachtzwaluw en de boomleeuwerik. We betrekken terreineigenaren bij het opstellen van het herstelprogramma en organiseren zogenoemde gebiedssessies waarbij we het gebied intrekken. Het proces van dit herstelprogramma loopt samen met het programma voor bossen vanwege de samenhang.

Heide

Bossen

Dit herstelprogramma gaat over oude eikenbossen en beuken eikenbossen. En de leefgebieden voor de bossoorten zoals zwarte specht en wespendief. Als inbreng voor het opstellen van deze herstelprogramma’s onderzocht Wageningen University & Research (WUR) wat de effecten zijn van te veel wild, oftewel de wilddruk, op de kwaliteit van boshabitats. En welke mogelijkheden er zijn om de wilddruk te sturen.
Het gaat niet goed met de oude eiken op de Veluwe. De mineralenhuishouding en het bodemleven van de arme zandgronden waar deze eiken staan, zijn namelijk ernstig verstoord als gevolg van verzuring van de bodem. Het onderzoek van B-WARE met Radboud Universiteit beveelt aan om het toedienen van steenmeel op oude eikenbossen te onderzoeken. Begin 2020 zijn we daarom met een proef gestart om op 10 locaties op de Veluwe steenmeel toe te dienen. Het moet inzicht geven of deze maatregel daadwerkelijk bijdraagt aan herstel en op grotere schaal kan worden toegepast.

Omdat de hele Veluwe bijna uit Natura 2000-leefgebied bos bestaat stemmen we dit af met het Gelders bosbeleid (PDF 1,5 MB)    . 

 Meertje

Vennen en venen

We werken aan een herstelprogramma voor vennen en venen. Op de Veluwe ligt een groot aantal vennen en meer dan de helft heeft de bescherming van Natura 2000. Het merendeel van de vennen is niet gezond. Er is veel onderzoek nodig naar een duurzaam herstel van vennen. Op de Veluwe liggen naast vennen ook een klein aantal venen. Venen hebben, net als vennen, een zelfstandig en kwetsbaar systeem. Daarom werken we binnen dit herstelprogramma ook aan venen.

We hebben gesprekken gevoerd met de terreineigenaren en veldbezoeken gehouden om samen met de eigenaren van de vennen en venen te kijken naar wat we moeten doen om deze duurzaam te herstellen. Op deze manier kunnen we de kwaliteit en de leefgebieden en hun soorten verbeteren. En de leefgebieden uitbreiden.
Waar mogelijk doen we mee met bestaande initiatieven. Zoals het Wisselse Veen in de gemeente Epe en de leemputten in Staverden.

Beken

Op de Veluwe en aan de randen van de Veluwe liggen diverse beken en sprengen (door mensen gegraven of verlegde beek) die Natura 2000-bescherming hebben. Beken zijn bijzondere leefgebieden (habitats) waar de beekprik en de rivierdonderpad graag zijn, en de drijvende waterweegbree goed groeit. In 2019 onderzocht het bureau Ecogroen in opdracht van Waterschap Vallei en Veluwe en de provincie de actuele staat van de habitats en soorten. In dit rapport staan ook aanbevelingen voor herstelmaatregelen om de staat van de soorten en habitats te verbeteren. Samen met de waterschappen werken we aan een herstelprogramma op basis van dit onderzoek.

Recreatiezonering

Dit herstelprogramma gaat over de verstoring op de natuur. Verstoring gaat over menselijke activiteiten zoals recreatie, verkeer, werkzaamheden en evenementen. De Veluwe is populair bij recreanten, ze komen er graag om van die prachtige natuur te genieten. Dat willen we graag zo houden. Maar we gaan op zoek naar een nieuwe, betere balans tussen de ruimte voor de natuur en de mens.

Vooral in kwetsbare delen van de Veluwe lijden planten en dieren heel erg onder de verstoring. Sommige soorten van de Veluwe dreigen zelfs te verdwijnen of uit te sterven met als risico dat we de soortenrijke natuur op de Veluwe kwijtraken. Die variatie in planten en dieren is heel belangrijk voor een sterke natuur. Om dit te voorkomen gaan we op de meest kwetsbare plekken planten en dieren beschermen door ze meer rust te bieden. We verminderen de dichtheid van de paden- en routestructuren waar dat nodig is. En we verbeteren op andere plekken de recreatiemogelijkheden. Hierdoor zorgen ervoor dat we van de Veluwse natuur kunnen blijven genieten.

We maakten de hoofdlijnen voor het plan. Bij de uitwerking willen we bewoners, ondernemers en belangenorganisaties graag betrekken. Dat organiseren we per gebied en gebeurt in 2021.  

Provincie Gelderland en de samenwerkingspartijen van de Veluwe Alliantie werken samen aan recreatiezonering. Meer informatie leest u in het e-magazine Recreatiezonering. Het Plan van Aanpak vindt u hier. Voor de uitwerking van het plan hebben we een speciale pagina ingericht op ons interactieve platform Sprekend Gelderland: recreatiezoneringopdeveluwe.nl.

Onderzoek naar Bodemherstel

Naast het opstellen van de herstelprogramma’s, onderzoeken we of bepaalde maatregelen effectief zijn voor het herstellen van de bodem. Deze raakte namelijk uit balans en verzuurd door de neerslag van stikstof. Voor het herstellen van de natuur is het belangrijk dat ook de bodem herstelt. We kijken of het toevoegen van mineralen zoals steenmeel of schelpenkalk bijdragen aan het herstel. De maatregelen zijn nog niet bewezen. Daarom monitoren en onderzoeken we dit.
De rapporten van Sovon vindt u hieronder:

Ook richten we ons op de wetenschappelijke bewijzen hiervan.

Onderzoeken en kaders

Ter voorbereiding voor de herstelprogramma’s hebben we onderzoeken laten uitvoeren. De resultaten hiervan helpen ons betere keuzes te maken in welke maatregelen we moeten opnemen in de herstelprogramma’s. Een voorbeeld is het onderzoek van Stichting Vogel Onderzoek Nederland (SOVON) die heeft gekeken naar de mogelijke verbeteringen voor natuur en recreatiezonering als het gaat om de 7 vogelsoorten waarmee het niet goed gaat.

Daarnaast hebben we een zogenoemd beoordelingskader laten opstellen. Hierin staan gegevens over de kwaliteit voor planten en dieren en hun leefgebieden. Hiermee meten we de resultaten van de maatregelen waarmee we tevreden zijn. Wageningen Environmental Research (WenR) ontwikkelde dit samen met Sovon Vogelonderzoek Nederland en Radbouduniversiteit Nijmegen speciaal voor de Veluwe. 

Monitoring

Monitoring is een belangrijke manier om te weten of de verbeteringen die we in de natuur doen ook helpen. We vragen de uitvoerders van de maatregelen om de verloop te meten. En maken hierbij gebruik van een landelijk ontwikkeld meetsysteem.