Wateroverlast
De provincie heeft met de waterschappen en gemeenten afspraken gemaakt over maatregelen om water vast te houden. De waterschappen en gemeenten zijn verantwoordelijk voor deze maatregelen. De provincie stimuleert hen, draagt bij in de kosten en houdt toezicht op de uitvoering.
Door de klimaatverandering krijgen we vaker te maken met hevige regenval. Als we niets doen leidt dit onvermijdelijk tot meer wateroverlast. Bij het voorkomen van wateroverlast gaat het om drie zaken. In voorkeursvolgorde:
- vasthouden
- bergen
- afvoeren.
Overlast
Wanneer bij hevige regenval het water onvoldoende afgevoerd kan worden, ontstaat overlast. Het is dus zaak dat er niet meer water wordt afgevoerd dan het watersysteem aan kan. In plaats van het water zo snel mogelijk af te voeren, is het beter het water zoveel mogelijk vast te houden waar het valt, het water gecontroleerd te bergen en daarna pas af te voeren. Doordat het water op deze manier meer in de bodem kan trekken, helpt het bovendien verdroging te voorkomen.
Maatregelen in landelijk en stedelijk gebied
Om het watervasthoudend vermogen van het landschap te vergroten zijn zowel in het landelijk als in het stedelijk gebied maatregelen nodig. In het landelijk gebied worden bijvoorbeeld beken en waterlopen ondieper gemaakt. Hierdoor voeren de beken en waterlopen het regenwater minder snel af en houden het langer vast in het gebied waar het gevallen is.
Riool
In het stedelijk gebied kan bijvoorbeeld regenwaterafvoer worden afgekoppeld van het riool. Dat wil zeggen dat er naast het bestaande riool een hemelwaterriool komt dat schoon regenwater afvoert. Het regenwater komt dan terecht in sloten, beken, vijvers of meertjes, of wordt in de grond geïnfiltreerd. Een andere belangrijke maatregel tegen wateroverlast is gebieden inrichten voor waterberging.
Meer informatie
E-mail: post@gelderland.nl
